Wanneer naar een psycholoog

Wanneer ga je naar een psycholoog?

Misschien heb je er wel wat van meegekregen: de lange wachttijden bij de geestelijke gezondheidszorg. Veel meer mensen kiezen er tegenwoordig voor om psychologische hulp te zoeken. Wellicht is het aantal mensen met psychische klachten toegenomen, maar misschien komt het ook omdat we meer bewust zijn van onze mentale gesteldheid en de invloed die dat heeft op ons dagelijks functioneren.

Openheid over psychische klachten

Het ministerie van volksgezondheid houdt zich ook bezig met het verminderen van het taboe op psychische klachten. Misschien heb je de campagne ‘Hey, het is oké’ wel gehoord. Deze campagne staat voor meer openheid over psychische klachten. In opdracht van het ministerie van volksgezondheid is er ook een onderzoek uitgevoerd naar het taboe wat betreft psychische klachten. Driekwart van de Nederlanders vindt praten over psychische klachten of aandoeningen normaal. Ook is er een overwegend positieve houding ten opzichte van mensen met klachten of aandoeningen. Bijna niemand vindt dat deze mensen zich aanstellen. Bij 12 procent van de Nederlanders veranderde hun beeld van mensen met klachten of aandoeningen het afgelopen jaar. Deze verandering is vrijwel altijd positief: zij hebben meer begrip gekregen, onder andere door eigen ervaringen, ervaringen in de omgeving of de corona crisis. Het blijkt nog wel dat mensen zichzelf ervaren als erg open over dit onderwerp, maar van de omgeving verwacht dit niet te zijn. Dit weerhoud mensen er dan toch van om over psychische problemen te praten. Je hoeft echter ook niet altijd met je omgeving over je problemen te praten. Sommige dingen bespreek je misschien liever niet zomaar met iedereen. Je kunt daarvoor ook de hulp inschakelen van een psycholoog.

Waarom een psycholoog?

Er zijn veel verschillende redenen waarom mensen hulp zoeken bij een psycholoog. Maar wanneer moet je er zelf aan gaan denken om hulp te zoeken? Het antwoord is vrij simpel: wanneer je denkt dat je hulp nodig hebt. Dit is bij ieder persoon verschillend. Het leven loopt nou eenmaal niet altijd soepel. Misschien heb je in een korte tijd veel veranderingen of gebeurtenissen doorgemaakt, en levert dit je stress op.  Of je zit een poosje in een dipje en weet niet zo goed hoe je hieruit moet raken. Het kan ook zijn dat je bepaalde dingen in leven wilt veranderen, maar niet precies weet hoe. Al deze dingen (en nog veel meer) kunnen een reden zijn om op zoek te gaan naar een psycholoog. Probeer er eens op deze manier te kijken: wanneer je je been breekt, is het niet meer dan normaal om naar een dokter te gaan (het is zelfs idioot om het niet te doen). Maar wanneer je geestelijk opbreekt, is het dan ook niet meer dan normaal om daar de juiste ‘dokter’ voor te zoeken? Eigenlijk bij alles wat er geestelijk aan de hand is, wat je niet alleen kunt of wilt oplossen, kun je een psycholoog inschakelen.

Bij BrainNetwork zien wij verschillende mensen die allemaal een andere hulpvraag hebben.

Wanneer naar een psycholoog

Wat kan een psycholoog voor jou doen?

Wanneer je bijvoorbeeld problemen ervaart in je dagelijks functioneren door psychische klachten, kun je ervoor kiezen de hulp van een psycholoog in te schakelen. Wij psychologen zijn altijd gericht op jouw wensen en voorkeuren. Daarom luisteren we altijd naar jouw hulpvraag. Samen maken we een plan voor behandeling, waar we ook doelen opstellen. Er wordt ook een behandelmethode gekozen die het beste past bij jouw klachten. Hieronder voorbeelden van behandelmethoden die wij bij BrainNetwork kunnen inzetten.

Cognitieve Gedragstherapie (CGT)

Acceptance & Commitment Therapy (ACT)

EMDR (Eye Movement Desensitization & Reprocessing)

Psychomotorische therapie

Biofeedback

Neurofeedback

Wanneer naar Psycholoog

Kun je zomaar bij een psycholoog terecht?

Ja. Je kunt zomaar bij een psycholoog terecht. Echter voor een vergoeding vanuit de verzekering heb je een verwijsbrief van de huisarts nodig. Check altijd eerst even of je behandeling geheel of gedeeltelijk vergoed wordt door jouw zorgverzekering. 
Maar: wanneer de behandeling valt onder ‘complementaire’ of ‘alternatieve’ zorg, zit het sowieso niet standaard in je basispakket en heb je ook geen verwijsbrief nodig. Wel kun je dan een vergoeding aanvragen door de facturen door te sturen naar je zorgverzekering, mits dit in je pakket zit.

Wil je graag meer weten of advies over je klachten? Neem gerust contact op met ons team in Zeist en Soest.

Polyvagaaltheorie

Wat is polyvagaaltheorie? Rol van ons zenuwstelsel bij stress & trauma

Wellicht heb je er al eens van gehoord: de polyvagaaltheorie. Deze theorie gaat ervan uit dat ons zenuwstelsel meerdere verdedigingsstrategieën hanteert wanneer we stress ervaren. Denk aan vechten, vluchten of bevriezen. We kiezen de reactie bij stress onvrijwillig: deze wordt onbewust aangestuurd door het zenuwstelsel – en verschilt per persoon. Het doorgronden van de respons die bij jou optreedt, kan helpen om problemen aan te pakken. We lichten je er graag meer over toe in dit artikel.

De belangrijke werking van ons zenuwstelsel

In ons lichaam zijn er allerlei systemen in werking, waaronder het zenuwstelsel: een netwerk van zenuwcellen dat met elkaar verbonden is. Het zenuwstelsel heeft een belangrijke werking binnen ons lichaam. Je kunt het zien als een netwerk waarbij informatie van de hersenen naar verschillende delen van het lichaam wordt gestuurd, en andersom. Zo lukt het ons om de zintuigen te gebruiken of om de spieren aan te sturen.

We spreken van het animale zenuwstelsel en het autonome zenuwstelsel. Het animale zenuwstelsel staat in verbinding met je gedachten en vrije wil. Je kunt bijvoorbeeld ja-knikken wanneer je dat wilt: dit stuur je zelf aan. Anderzijds is er het autonome zenuwstelsel, dat automatisch functioneert. Het regelt de zaken in je lichaam waarover je niet hoeft na te denken, zoals je spijsvertering en het kloppen van je hart.

Polyvagaaltheorie: ‘de wetenschap van veiligheid’

Ons autonome zenuwstelsel treedt ook in werking bij stressprikkels: het herkent gevaar en zoekt een passende omgangsvorm. De polyvagaaltheorie, waarbij ‘poly’ staat voor ‘meer’, gaat ervan uit dat ons zenuwstelsel verschillende verdedigingsstrategieën hanteert wanneer we stress ervaren.Deze theorie is ontwikkeld door Stephen W. Porges. Het wordt ook wel ‘de wetenschap van veiligheid’ genoemd, waarmee we een verklaring hebben voor de werking van het autonome zenuwstelsel bij stress, trauma of angst (onveilig voelen).

Polyvagaaltheorie: drie systemen bij veiligheid of onveiligheid

We kennen allemaal de zogenoemde vecht-of-vluchtreactie (fight or flight), evenals de bevriezing (freeze). Volgens de polyvagaaltheorie kiezen we niet vrijwillig voor één van de twee reacties bij de dreiging van gevaar, maar wordt deze systematisch bepaald door ons zenuwstelsel. Kortom: het zenuwstelsel kiest wat er op een bepaald moment het best is om onze veiligheid te waarborgen.

Er zijn volgens de polyvagaaltheorie drie systemen waar we naar kunnen handelen, die werken als een hiërarchische ladder. Eén systeem betreft een veilige situatie, twee systemen betreffen een onveilige situatie. Werkt het bovenste systeem niet? Dan ga je een traptrede omlaag. Werk het middelste systeem ook niet? Dan zak je nog een trede. Is het gevaar voorbij? Dan kun je weer een trede omhoog.

Deze systemen bevinden zich binnen ons zenuwstelsel op verschillende plekken in het lichaam en werken ieder op een eigen manier. Hieronder vind je de benamingen van de drie systemen, waarna we verder ingaan op de precieze werking.

 1. Ventrale vagale systeem

Treedt op als we ons veilig voelen, Social Engagement System. Dit maakt dat je sociaal kunt zijn, kunt verbinden en creatief kunt zijn

2. Sympathisch systeem

Treedt op als we ons (enigszins) onveilig voelen en kan een vecht-of-vluchtreactie in gang zetten

3. Dorsale vagale systeem

Treedt op als we ons (sterk) onveilig voelen en kan leiden tiot een bevriesreactie

Polyvagaal theorie

1) Bovenste systeem: Ventrale vagale systeem

Binnen de ordening van systemen volgens de polyvagaaltheorie, wordt het bovenste systeem geregeld door de ventrale nervus vagus. De ventrale nervus vagus is onderdeel van het parasympatische zenuwstelsel (aansturing van tot rust komen, maar ook bevriezing), en loopt van het hart en de borst naar het gezicht en de kaken. Deze gezicht-hartverbinding zorgt voor de mogelijkheid tot betrokkenheid. Dit is binnen ons zenuwstelsel een relatief nieuw ontwikkeld systeem, dat niet altijd heeft bestaan in ons lichaam.

Middels dit systeem, ook wel het Social Engagement System genoemd, kun je verbinding aangaan. Je gaat de connectie aan met anderen of met jezelf. Het lukt je om zaken op te lossen of om hulp te vragen. Dit is mogelijk als je je veilig voelt en er geen gevaar of stress aanwezig is.

Onze aandacht is in het bovenste systeem dus gericht op verbinding. Dit organiseren we middels co-regulatie: noodzakelijk in ons leven voor troost, geruststelling en veiligheid. Co-regulatie vindt met name plaats tussen baby’s en jonge kinderen met hun ouders: het zenuwstelselsysteem is nog niet (voldoende) ontwikkeld, en kleine kinderen kunnen zichzelf niet reguleren. Een kind leert zelfregulatie via de ouder. Co-regulatie vindt ook plaats bij volwassenen: in positieve relaties met je partner, familieleden, vrienden of collega’s. Een luisterend oor, iemand die je goed aankijkt of een arm om de schouder kan veel goeds teweegbrengen.

2) Middelste systeem: Sympathisch systeem

Het middelste systeem wordt geregeld door activatie van het sympathische zenuwstelsel (aansturing van actie, in beweging komen). Zodra er een stressvolle situatie ontstaat (wat bij iedere persoon door iets anders kan worden getriggerd!), komen onder andere adrenaline en cortisol vrij in je lichaam. Je hartslag neemt toe en je bloeddruk verhoogt. Het sympathische zenuwstelsel stelt ons in staat om actie te ondernemen: dit is het gaspedaal van je lichaam.

Soms is deze staat wenselijk. Het maakt bijvoorbeeld dat we kunnen rennen om snel een trein te halen. Echter kan deze staat ook optreden wanneer er een stressprikkel ontstaat op een moment dat dit voor jou niet wenselijk is. Bijvoorbeeld als je je tijdens je vrije dag druk maakt over problemen op je werk.

Je wordt alert en voelt meer energie: je lichaam maakt zich klaar om te vechten of vluchten bij stress. In de moderne samenleving hoeven we meestal niet daadwerkelijk te vechten of vluchten, maar wel uiten we een gedragsverandering: we komen gestrest, geagiteerd of gehaast over.

3) Onderste systeem: Dorsale vagale systeem

Tot slot is er de onderste trede, die wordt geregeld door de dorsale nervus vagus. De dorsale nervus vagus is (net als de ventrale nervus vagus, het bovenste systeem) onderdeel van het parasympatische zenuwstelsel, en bevindt zich met name wat dieper in je lichaam, in de buik. Dit is binnen ons zenuwstelsel het oudste systeem, dat al in de oertijd heeft bestaan in ons lichaam. Het regelt tevens het rusten en verteren van voedsel, evenals de bevriezingsreactie.

Het bewustzijn wordt uitgeschakeld in het onderste systeem, het lichaam spaart energie en het beschermt je tegen lichamelijke en psychische pijn. Het wordt gezien als een bewustzijnsverlagingsstrategie of overlevingsstrategie om te doen alsof je dood bent: het lichaam trapt volledig op de rem. Denk maar aan een gevangen muis die voor dood speelt in de bek van een kat. De muis is niet dood, maar zijn zenuwstelsel zet deze reactie in werking om de overlevingskans te vergroten.

Je komt in dit onderste systeem terecht wanneer het middelste systeem niet voldoende effectief is volgens het zenuwstelsel. Dit gebeurt bij dreigende situaties, bijvoorbeeld wanneer je getuige bent van een ongeval. Bij trauma zie je dit als iemand dissocieert. Maar ook bij minder levensbedreigende situaties treedt dit systeem op: wanneer je een presentatie moet geven en plotseling alles bent vergeten, of wanneer je onverwachts voor het blok wordt gezet. Je bevriest.

Schuiven tussen de systemen door het zenuwstelsel

Nu je de drie systemen kent, is het naar de polyvagaaltheorie belangrijk om te benadrukken dat je stapsgewijs schuift tussen deze systemen. Stel dat je plotseling door collega’s voor het blok wordt gezet en bevriest: dat is het onderste systeem. Vervolgens schuif je naar het middelste systeem: je zit vol adrenaline, je bent boos op je collega’s en neemt het ze kwalijk. Wellicht uit je je irritatie. Pas daarna kun je weer terechtkomen in het bovenste systeem: je voelt je weer sociaal en veilig – al kan dat wellicht even duren.

Systeem twee en drie: sociale verbinding is moeilijk

Sociale verbinding is belangrijk voor de mens. We hebben het nodig om ons veilig te voelen en om stabiliteit te ervaren. Veiligheid en betrokkenheid zijn essentieel voor gezondheid, groei en herstel.

In het eerste systeem (ventrale vagale systeem) lukt het om sociale verbinding plaats te laten vinden. In het tweede en derde systeem (sympathisch systeem en dorsale vagale systeem) zijn we die verbinding echter kwijt, omdat het risico om verbinding aan te gaan te groot is. Het is moeilijk om contact te zoeken of om hulp te vragen, en de mensen om je heen komen bedreigend op je over. Daarom is het nadelig om je (vaak) in de onderste twee systemen te bevinden. Je mist de sociale verbinding, terwijl deze juist zo essentieel is in ons leven.

Reactie op stress of trauma: per persoon verschillend

In de polyvagaaltheorie wordt benadrukt dat de reactie op stress of trauma per persoon verschillend is. Allereerst verschilt de inhoud van een trauma of stressvolle situatie voor iedereen. Waar de één na een ongemakkelijke ontmoeting met een nieuwe kennis voortaan vreest voor het leren kennen van nieuwe mensen, denkt de ander daar nooit meer over na.

Verder kies je onvrijwillig voor een bepaalde reactie binnen de systemen die we hierboven beschreven: het zenuwstelsel bepaalt dit voor jou. Je kiest dus niet bewust voor een mobiliserende vecht-of-vluchtreactie of juist een immobiliserende bevriesreactie bij stress of onveiligheid. Hier heb je zelfs geen invloed op. Nog voordat je bewust kunt redeneren over een bepaalde reactie, heeft je zenuwstelsel al gehandeld door een inschatting te maken van het mogelijke gevaar. Bij sommige mensen creëert een trigger vanuit de omgeving een vecht-of-vluchtreactie, maar andere mensen bevriezen door diezelfde trigger.

Vanuit welk systeem je zenuwstelsel reguleert bij bepaalde situaties, wordt gedurende ons leven ingericht. Soms al op jonge leeftijd. Door vroegkinderlijk trauma of een gebrek aan co-regulatie (iets aangedaan of verwaarlozing) schiet iemand gedurende de rest van het leven snel in systeem twee of drie: de houding om te vechten of vluchten, of te bevriezen. Ook trauma of langdurige stress op latere leeftijd heeft een negatieve invloed: het zenuwstelsel staat alerter afgesteld, en schiet sneller in systeem twee of drie. Gevaar wordt bij triggers sneller (soms te snel) gedetecteerd en overlevingsresponsen worden sneller (soms te snel) geactiveerd.

In het dagelijks leven: hevigere reacties op stress dan nodig

Trauma, langdurige stress of een gebrek aan co-regulatie maakt dus dat ons lichaam sneller overschakelt naar een systeem voor een onveilige situatie. Echter kan dit ook optreden zonder zoiets te hebben meegemaakt. Ons lichaam reageert op stress: dit is een oeroud systeem. Maar waar er in de oertijd nog reële gevaren waren waartegen we echt moesten vechten, vluchten of bevriezen, is dat in de moderne samenleving nog maar nauwelijks het geval. Toch handelt ons zenuwstelsel nog altijd snel en heftig op stressvolle situaties – ook als deze niet levensbedreigend zijn. Dit gebeurt nu eenmaal onvrijwillig en onbewust: zo’n grote invloed oefent het zenuwstelsel uit op jouw gevoelens en gedrag.

Die intense lichamelijke reactie vanuit het zenuwstelsel kan erg vervelend zijn in het dagelijks leven. Zo kan de vecht-of-vluchtreactie al optreden als je een mailtje krijgt van je baas of als je partner iets onaardigs zegt. Er is geen wezenlijk gevaar, maar je lichaam reageert wel op deze manier. Dit maakt het vervolgens weer moeilijk om sociale verbinding aan te gaan, wat je somber kan maken.

Polyvagaaltheorie: visie bij behandeling door een psycholoog

Ben je benieuwd welke rol de polyvagaaltheorie kan spelen in een behandeling door de psycholoog? Bij verschillende klachten kan de visie van deze theorie een rol spelen, waaronder stress of burn-out, angst, trauma en depressie. Maar ook wanneer je niet goed in je vel zit of het idee hebt dat je vastloopt in het leven. Bij psychologenpraktijk BrainNetwork werken we bij bepaalde klachten vanuit de  visie van de polyvagaaltheorie.

Het hanteren van deze visie werkt op verschillende manieren. Zo wordt in de polyvagaaltheorie vooropgesteld dat een gevoel van veiligheid cruciaal is voor genezingsprocessen, evenals het leiden van een prettig en gezond leven. Co-regulatie en verbinding spelen hierin een hoofdrol. Het ontbreken van dit veiligheidsgevoel, en daarbij een gebrek aan het verkeren in het bovenste systeem (ventrale vagale systeem), kan leiden tot psychische aandoeningen en lichamelijke ziekten.

Hier wordt door de polyvagaaltheorie gehoor aan gegeven: de behoefte aan een veiligheidsgevoel wordt in acht genomen, zoals ook door de psychologen bij BrainNetwork wordt gedaan in de behandeling. We kunnen je helpen om op de juiste manier op zoek te gaan naar een gevoel van veiligheid. Zo kunnen we aan de slag gaan met het leren van co-reguleren, mocht dit bij jou niet goed zijn ontwikkeld in je jonge jaren. Binnen de veilige therapeutische relatie kun je hierin groeien. Tevens vinden we het belangrijk om in onze praktijkruimte een veilige omgeving te creëren.

Verder biedt de polyvagaaltheorie een verklaring voor de werking van ons autonome zenuwstelsel bij stress of burn-out, angst, trauma en depressie. Deze inzichten kunnen worden toegepast tijdens een behandeling. Zo kunnen we onderzoeken welke responspatronen er bij jou optreden, en op welk moment. De patronen kunnen bijvoorbeeld optreden bij ervaringen van niet-vertrouwen of triggers voor traumatische gebeurtenissen in het verleden. Het herkennen van de patronen in het verloop van de drie systemen geeft belangrijke inzichten over jezelf, wat jouw triggers zijn en de manier waarop je met triggers omgaat.

Met oefeningen en opdrachten lukt het je stukje bij beetje om de patronen die optreden te veranderen: we creëren nieuwe patronen van veiligheid en verbinding, die het gevoel van onveiligheid vervangen. Hier ligt de focus juist op het invullen wat jou weer in het positieve, veilige systeem brengt. Dit lukt bijvoorbeeld door zelfregulatie: rustig en vanuit de buik ademhalen of meditatie. Maar ook biofeedback en neurofeedback kunnen hier goed bij helpen. Ook co-regulatie binnen voedende relaties werkt, zoals (leren om te durven vragen naar) een goed gesprek of een knuffel van een dierbare. Wat het best werkt, ligt voor iedereen weer anders – en kunnen we achterhalen.

Het wordt tijdens en na de behandeling steeds makkelijker om in verschillende situaties terug te schakelen naar het bovenste, veilige systeem. Je gevoel van continue alertheid neemt af en je kunt weer tot rust komen (afstappen van systeem twee); of je komt juist weer in een flow terecht en hebt niet langer het idee dat je stilstaat (afstappen van systeem drie). Dit maakt dat je je leven op een betere manier kunt inrichten, en dat je je socialer, creatiever, vrijer, optimistischer en veerkrachtiger voelt.

Meer over de Polyvagaaltheorie

In onderstaande animatiefilmpje van Mindmadeeasy wordt in 6 minuten uitgelegd hoe de Polyvagaal Theorie in elkaar steekt.

Heb je vragen over de polyvagaaltheorie of wil je weten hoe we dit toepassen in onze behandelingen? Neem direct contact op of lees in onze psychologie blog meer over onze behandelingen:

  • Wat te doen bij een paniekaanval
    Iedereen is wel eens bang of angstig. Angst is een natuurlijke reactie of dreiging of gevaar, en helpt ons uit gevaarlijke situaties […]
  • Het ontstaan van Neurofeedback
    Neurofeedback is een opkomende en “nieuwe” behandeling, maar gaat eigenlijk al terug tot ongeveer 1960. De geschiedenis aan onderzoekers in dit veld […]
  • Wanneer ga je naar een psycholoog?
    Misschien heb je er wel wat van meegekregen: de lange wachttijden bij de geestelijke gezondheidszorg. Veel meer mensen kiezen er tegenwoordig voor […]
  • Wat is Neurofeedback?
    Als we het simpel proberen uit te leggen: Neurofeedback is een training voor je brein. Verschillende delen van je brein communiceren continu […]
  • De waarde van Biofeedback
    Psychische klachten uiten zich bijna altijd ook in lichamelijke klachten. Soms is die link tussen psychische klachten lichamelijke klachten duidelijk, soms ook […]
  • Wat is polyvagaaltheorie? Rol van ons zenuwstelsel bij stress & trauma
    Wellicht heb je er al eens van gehoord: de polyvagaaltheorie. Deze theorie gaat ervan uit dat ons zenuwstelsel meerdere verdedigingsstrategieën hanteert wanneer […]
Corona student

Gevolgen van thuiszitten door corona: de ervaring van een student

Sinds het begin van de pandemie, die inmiddels al zo ongeveer 2 jaar geleden begonnen is, zijn er strenge maatregelen getroffen, maar ook versoepeld, en andersom. Een groep die echter getroffen blijft door maatregelen zijn de studenten. Voor het grootste deel van deze twee jaar zijn de hogescholen en universiteiten gesloten. Bij studenten ligt het risico op problemen met geestelijke gezondheid al erg hoog, maar nu nog hoger. Wat zijn de dingen waar studenten vooral tegenaan lopen sinds de pandemie? En wat kun je zelf doen om het hoofd boven water te houden? Ik, Wieteke Veenstra (werkend bij psychologenpraktijk BrainNetwork als office assistent, maar ook full-time student) probeer in dit blog inzicht te geven in deze punten. 

Als gevolg van het sluiten van hogescholen en universiteiten, zijn studenten op hogescholen en universiteiten nu aardig aangepast aan het online-onderwijs. Dit wordt vaak gevolgd vanuit de eigen slaapkamer. Het lange thuiszitten met als gevolg weinig daglicht en minder sociaal contact, kan een grote impact hebben op fysiek en sociaal welbevinden. Jongeren zijn door dat gevoel van eenzaamheid sneller geneigd zich te wenden tot sociale media, al versterken die vaak juist de problemen (Nagata et al., 2020). 

Maar waarom is het van belang dat specifiek studenten onder de aandacht worden gebracht? Studenten zijn namelijk überhaupt al meer kwetsbaar voor het ontwikkelen van geestelijke gezondheidsproblemen. In de leeftijdscategorie van 18 t/m 25 jaar ervaart 11% (iets meer dan 1 op de 10 jongeren dus) geestelijke gezondheidsproblemen. In verhouding ervaren jongvolwassenen ook meer depressieve klachten in vergelijking met andere leeftijdsgroepen (Schoemaker et al., 2019). Daarnaast laat onderzoek zien dat 25% van ondervraagde studenten burn-outklachten heeft, welke zich uiten in emotionele uitputting. Prestatiedruk bij studenten is hierin een belangrijke factor (Schaufeli & Dierendonck, 2000).

Mijn eigen ervaring

Concentratieproblemen

Zelf ervaar ik vooral veel concentratieproblemen. Het was met name op het begin erg lastig om de switch te maken van je slaapkamer en ontspanningsplek, naar voornamelijk je werkplek. Ik vond het daarom vaak ook lastig om ‘s avonds in slaap te komen, omdat mijn slaapkamer in verband stond met werken, en niet met ontspannen. Meer studenten ervaren dit probleem, waardoor de studieplekken op school en in bibliotheken al snel vol zitten.

Nieuws en media

Ook merkte ik dat ik een overprikkeld raakte door de informatie op het nieuws; Ik raakte sneller geïrriteerd en emotioneel. Elke dag zag ik artikelen met het aantal doden en de vele  mensen op de Intensive Care. Er was geen ontkomen aan. De nieuwsplatforms maakten mij ook erg neerslachtig. Met name artikelen die voorspellingen deden over het ontwikkelen van corona zorgden ervoor dat ik mijn hoop op een goede uitkomst verloor. 

Sociale angst

Nog iets wat ik anders ervaar dan ik voor corona deed, is dat ik meer sociale angst heb bij de simpelste dingen. Wanneer je mensen ontmoet weet je gewoonweg niet hoe je je moet gedragen: hou je 1,5 meter afstand? Of geef je iemand een hand? Knuffel je die ene vriendin die je al lang niet hebt gezien? Of toch niet? Iedereen lijkt andere regels te hanteren: er is geen duidelijke sociale norm. Wanneer jouw ideeën verschillen van die van een ander voel jij of de ander zich misschien slecht beoordeeld, of gekwetst. Al die onzekerheid heeft voor mij geleid tot meer angst bij sociale situaties

Fear Of Missing Out (FOMO)

Wat bij mij nog het meest aanwezig was, was Fear Of Missing Out (FOMO). Ik had altijd een heel beeld in mijn hoofd over hoe mijn studententijd zou zijn: feesten, misschien op kamers, vrienden maken, hoorcolleges in grote zalen en eindelijk kunnen leren over de dingen die je écht interessant vind. Hier heb ik 6 maanden van kunnen proeven, en in juli studeer ik af van mijn bachelor psychologie. De echte studenten tijd die altijd wordt omschreven als ‘de beste jaren van je leven’ hebben ik (en daarmee veel anderen) dus gemist. Dit veranderde ook mijn motivatie voor en het plezier in mijn studie. Het voelde alsof ik een paar jaar van mijn leven had verspild.

Anderen
Ik merk dat de dingen waar verschillende studenten tegenaan lopen in deze tijd heel erg met elkaar overeenkomen. Mensen om mij heen noemen bijvoorbeeld ook het gevoel van verloren tijd, omdat we in deze tijd ons zouden moeten ontwikkelen op veel gebieden. Maar daarnaast vertellen zij ook nog dat schoolactiviteiten (bijvoorbeeld bij meer praktijkgerichte studies) niet doorgaan. Daarbij zeggen zij ook minder sociaal contact te hebben door het verdwijnen van contact met klasgenootjes.
Iets waar vrijwel iedereen slecht over te spreken is, is het online onderwijs an sich. De lessen zijn saai en het is moeilijk de aandacht erbij te houden. Soms leidt dit gebrek aan concentratie ook tot studievertraging.
Studenten raken ook vermoeid. Buiten de studie heb je in de weekenden ontspanning nodig, wat vaak wordt gehaald uit uitstapjes (dagje winkelen, lunchen, uitgaan etc.). Dit type ontspanning is nu niet meer (of minder) mogelijk. De stress bouwt alleen maar verder op.

Corona student

Wat heeft mij geholpen?

Informatiestroom verminderen

Het allereerste wat ik heb gedaan toen ik mij slechter ging voelen door alle corona-maatregelen, is de nieuws-apps op mijn telefoon verwijderen. Ook ontvolgde ik alle nieuws platforms op social media. De stroom aan negatieve informatie stopte en ik had meer rust in mijn hoofd. Het lukte mij makkelijker om negatieve gedachten tegen te spreken en de nare gevoelens om te zetten in meer positieve gevoelens. Sowieso zou ik aanraden om je social media in te perken tot berichten die je positieve gevoelens laten ervaren, en weg te blijven van platforms die angst zaaien of onzekerheid in je oproepen.

Mindset

Ik merkte naar loop van tijd eigenlijk dat het allemaal een kwestie van mindset was. Ik leerde mijn plekje te vinden in een wereld die veranderd was en stelde nieuwe doelen voor mezelf. Ik heb bijvoorbeeld in het begin het doel gesteld om meer te wandelen, waarbij ik ook meer in de natuur was. Later focuste ik meer op doelen qua fitness en ik leerde om nieuwe, gezonde dingen te koken. Mindfulness is ook iets wat ik veel om mij heen hoor en ik zelf ook probeer toe te passen in de dagelijkse dingen. Dit kan bijvoorbeeld meditatie zijn, of alleen al ademhalingsoefeningen, of bijvoorbeeld een boek lezen over mindfulness. Mindfulness heeft mij vooral geholpen bij het omzetten van mijn mindset en geleerd hoe ik meer dankbaar kan zijn voor de kleine dingen.

Ritme

Ook helpt het om in deze chaotische tijd zelf je eigen ritme te vinden. Waar normaal school of werk je ritme gaf, is dat nu misschien weggevallen. Af en toe een weekplanning maken helpt mij om overzicht te houden, of bijvoorbeeld een regelmatig slaapritme voor jezelf aanhouden. Ik probeer bijvoorbeeld ‘s ochtends vaste sportmomenten in te plannen, waarmee ik mijn dag begin, of om een vaste tijd te beginnen met studeren.

Studeren
Dan het concentratieprobleem, al is die niet volledig op te lossen. Waar mogelijk probeer ik te studeren op een andere plek dan mijn slaapkamer, bijvoorbeeld een keer op school of in een koffietentje. Verder proberen wij thuis goed met elkaar te communiceren. Wij overleggen bijvoorbeeld wie wanneer een online meeting heeft, of wanneer je even extra concentratie nodig hebt.  Op deze manier proberen wij thuis zoveel mogelijk rekening met elkaar te houden. Dit stukje communicatie is ook iets wat je kan helpen bij het eerder genoemde probleem van sociale angst. Probeer mensen bijvoorbeeld gewoon te vragen : mag ik jou een hand geven? Of geef het gewoon aan wanneer je dit liever niet doet.

Slot
Al met al zijn de studenten een groep die meer kwetsbaar is voor het ontwikkelen van problemen met geestelijke gezondheid. Door de corona maatregelen van de afgelopen twee jaar zijn de risico’s nog meer gestegen. Helaas hebben we geen invloed op de buitenwereld, maar waar mogelijk kunnen we wel denken in oplossingen voor de dingen waar we tegenaan lopen. In deze blog heb ik verschillende dingen genoemd die mij hebben geholpen om deze lastige tijd om te zetten in iets beters. Misschien heb jij er als lezer zelf iets aan, of kun je iemand in je omgeving op ideeën brengen. Hoe dan ook wil ik deze boodschap meegeven: focus niet op de dingen waar je allemaal geen invloed op hebt, maar kijk eens naar alles wat je wél kunt doen.

Literatuur:

Nagata J.M., Abdel Magid H.S., Gabriel K.P. Screen time for children and adolescents during the COVID-19 pandemic. Obesity (Silver Spring) 2020;28:1582–1583.

 Schaufeli W & Dierendonck D van (1981, 2000). Utrechtse burn-out schaal: handleiding. Amsterdam: Pearson Assessment and Information BV.) 

Schoemaker, C., Kleinjan, M., Van der Borg, W., Busch, M., Muntinga, M., Nuijen, J., & Dedding, C. (2019). Mentale gezondheid van jongeren: enkele cijfers en ervaringen.

Thakur, A. (2020). Mental health in high school students at the time of COVID-19: A student’s perspective. Journal of the American Academy of Child and Adolescent Psychiatry, 59(12), 1309.

Zit jij niet goed in je vel of heb je andere klachten? Onze psychologen kunnen we je hierbij helpen. Neem vrijblijvend contact met ons op om de mogelijkheden te bespreken.

Lees in onze onze Psychologie Blog meer interessante artikelen

      Perfectionisme

      Wanneer perfectionisme ongezond wordt: kenmerken, klachten en oplossingen

      Je wilt jezelf bewijzen en je wilt presteren: dit lijkt je leven beter te maken. Fouten maken? Daar is geen ruimte voor! En als er dan toch een keer iets misgaat, neem je het jezelf enorm kwalijk. Als je jezelf hierin herkent, is er een grote kans dat je perfectionistisch bent. Pas op dat je er niet in doorslaat: in dit artikel leggen we uit waarom perfectionisme gevaarlijk kan zijn én wat je eraan kunt doen.

      Wat is perfectionisme?

      We willen allereerst antwoord geven op de vraag: wat is perfectionisme nu precies? Het gaat om een denkwijze die is gestoeld op het stellen van hoge standaarden. Dit baseren we zowel op onze identiteit (wie we zijn) als onze prestaties (wat we doen). We vinden het belangrijk om alles perfect te doen en vooral geen fouten te maken. We willen onszelf bewijzen, om goedkeuring te krijgen of erbij te horen. Uit angst voor falen, willen we zoveel mogelijk de controle behouden en voelen we ons verantwoordelijk voor wat er om ons heen gebeurt, ook als we dit eigenlijk niet in eigen handen hebben.

      Al gauw stellen we onhaalbare eisen aan onszelf door perfectionistisch te zijn. Voor ons gevoel doen we het namelijk nooit goed genoeg. We zijn enorm streng voor onszelf. Fouten zijn niet toegestaan, want alles moet perfect gaan zodat we ons nergens voor hoeven te schamen. Gaat er toch iets mis? Dan voldoen we niet aan de verwachting, en nemen we het onszelf enorm kwalijk.

      Perfectionisme lijkt goed, maar dat is het niet altijd

      Veel mensen denken in eerste instantie dat perfectionisme iets goeds is, omdat het bevlogenheid en betrokkenheid toont. Het wordt dan ook wel genoemd als positieve eigenschap, tijdens een sollicitatiegesprek bijvoorbeeld. Er zit echter een dunne lijn tussen positieve bevlogenheid en te ver gaan in deze bevlogenheid. Kijk hieronder maar eens naar de positieve én negatieve eigenschappen van perfectionisme.

      Positief aan perfectionisme:

      –   Doorzetten

      –   Proactief zijn

      –   Loyaal zijn

      –   Betrokken zijn

      –   Betrouwbaar zijn

      –   Doelgericht zijn

      –   Detailgericht zijn

      –   Gestructureerd zijn

      Negatief aan perfectionisme:

      –   Nooit tevreden zijn

      –   Inefficiënt zijn

      –   Moeite hebben met loslaten

      –   Starheid tonen

      –   Zwart-wit-denken

      –   Doemdenken

      –   Uitstellen

      –   Vermijden

      Perfectionisme kan een zelfvernietigende eigenschap zijn, als je er te ver in gaat. Hier is sprake van als je te hoge, onrealistische standaarden stelt. Je kunt er al snel in doorslaan, wat maakt dat je de teugels te stevig vasthoudt en maar weinig vrijheid ervaart in het leven. Nog erger: perfectionisme kan verschillende negatieve gevolgen hebben voor de gezondheid, waar we verderop in dit artikel meer over toelichten.

      Perfectionisme blog

      Drie soorten perfectionisme

      Hewitt en Flett hebben in een bekend onderzoek uit 1991 gesteld dat er drie soorten perfectionisme te onderscheiden zijn. In dit artikel gaan we met name in op de eerste en derde soort.

      –   Perfectionisme gericht op jezelf (interne druk). Je stelt onrealistisch hoge standaarden aan jezelf. Je bent kritisch naar jezelf, concentreert je op tekortkomingen en hebt moeite met het accepteren van je eigen fouten.

      –   Perfectionisme gericht op anderen. Je stelt onrealistisch hoge standaarden aan anderen. Je wilt dat anderen perfect zijn en beoordeelt het gedrag van anderen op strenge wijze.

      –   Sociaal voorgeschreven perfectionisme (externe druk). Deze vorm van perfectionisme betreft de overtuiging dat je moet voldoen aan de hoge standaarden van anderen. Je hebt het idee dat mensen om je heen onrealistische verwachtingen van jou hebben, je streng beoordelen en druk op je uitoefenen om perfect te zijn. Dit kan daadwerkelijk zo zijn, maar ook vaak dénken we dat dit het geval is, terwijl het in werkelijkheid helemaal niet zo blijkt te zijn.

      Perfectionisme en de prestatiemaatschappij

      We leven in een prestatiemaatschappij en een marktgedreven samenleving, waarin we steeds maar meer willen en beter willen worden. We willen een goede baan, een groot huis, dure kleding, een mooie auto, een grote vriendengroep en een goed lichaam. Eigenlijk moet alles tiptop in orde zijn. Dit zorgt ervoor dat perfectionisme in opkomst is – met name de laatste vorm in de hierboven genoemde drie soorten: sociaal voorgeschreven perfectionisme.

      Perfectionisme komt steeds vaker voor en vaak ook al op jonge leeftijd, bij kinderen. We krijgen immers al op jonge leeftijd opgelegd dat we alles goed moeten doen, waardoor we al snel een hekel krijgen aan fouten maken. Onze omgeving verwacht vaak veel van ons en is niet bang om te oordelen. Ook social media hebben een grote invloed: iedere dag zien we hier weer beelden van mensen die een perfect leven lijken te leiden. Hier willen we zelf ook aan voldoen, want anders zijn we niet interessant genoeg.

      Hoe herken je perfectionisme?

      Hoe weet je nu of jij last hebt van perfectionisme? Bijna iedereen doet zijn of haar best en werkt hard, en vrijwel niemand vindt het leuk om fouten te maken. Maar maakt dat je direct (te) perfectionistisch?

      Het draait met name om je mindset, waaruit blijkt dat je te hoge standaarden aan jezelf stelt. De volgende kenmerken kunnen duiden op perfectionisme:

      –   Je moet veel van jezelf. Elke dag keihard werken, drie keer per week sporten, wekelijks verschillende vrienden opzoeken. Het moet allemaal gebeuren, en je wilt het liefst geen afspraken missen – ook als je er geen zin in hebt. Aan ontspanning kom je nauwelijks toe, dat heeft geen prioriteit.

      –   Je vindt jezelf nooit goed genoeg. Hoewel je al zoveel moet van jezelf, is het nooit goed genoeg. Je hebt het gevoel dat het altijd beter kan en je legt de lat steeds hoger, ook als anderen aangeven dat het wel goed genoeg is.

      –   Je gaat vaak over je grenzen heen. Je hebt het idee altijd door te moeten zetten. Opgeven is geen optie, zelfs als je dat eigenlijk liever zou doen. Het maakt dat je vaak over je grenzen heengaat, omdat je geen ‘nee’ durft te verkopen.

      –   Je piekert regelmatig. Perfectionisten zijn vaak grote twijfelkonten en piekeraars. Zit het wel goed met je relatie, werk, sociale contacten en uiterlijk? Het kan leiden tot besluiteloosheid.

      –   Je bent vaak op zoek naar bevestiging van anderen. Je hebt veel goedkeuring nodig van bijvoorbeeld je partner, vrienden en collega’s. Pas dan heb je weer wat meer vertrouwen in jezelf, als het al lukt om een compliment aan te nemen.

      –   Je bent bang voor afwijzing. Je voelt je minderwaardig en bent bang om te worden afgewezen. Negatieve feedback van anderen versterkt dit gevoel.

      –   Je laat niet alles van jezelf zien. Om potentieel gevaar of een fout te voorkomen, laat je niet alles van jezelf zien. Je houdt de schijn liever op dan dat je zegt hoe je je echt voelt. Ook geef je niet altijd je mening, uit angst om iets geks te zeggen.

      –   Je wilt geen hulp vragen. Hoewel je hulp soms best goed zou kunnen gebruiken, laat je het liever om ernaar te vragen. Dit voelt namelijk als falen.

      Omgaan met fouten maken

      Je kunt bij perfectionisme herkennen verder kijken naar de manier waarop je omgaat met fouten. Stel je krijgt een tegenvallende beoordeling, op school of werk. Denk je dan: ‘Erg jammer, maar dat kan een keer gebeuren. Ik ben nog steeds een goed mens.’ Of denk je: ‘Ik heb enorm gefaald en ik ben niet goed genoeg in wat ik doe. Ik ben niet de moeite waard.’ Het tweede antwoord is een perfectionistische denkwijze. Zeker als je dit al denkt bij kleine, niet-kritieke fouten, is hier sprake van.

      Je hebt een onrealistisch kritische kijk op jezelf bij perfectionisme. Je rekent het jezelf enorm zwaar aan als je een fout maakt, en je schaamt je diep. Hieruit blijkt ook dat er een link is tussen perfectionisme en faalangst, waarin zelfkritiek en zelftwijfel een grote rol spelen. Er kunnen heftige emoties optreden: je bent boos op jezelf als er iets fout gaat, waarbij je meestal lang teleurgesteld blijft of zelfs helemaal in de put kunt raken. Fouten kun je dus moeilijk loslaten. Verder probeer je falen te voorkomen, door heel hard je best te doen en alles vooraf te calculeren. Dit kan er ook voor zorgen dat je sneller opgeeft of iets gaat vermijden, als er een kans op een fout dreigt te ontstaan.

      Perfectionisme

      Negatieve gevolgen van perfectionisme

      Perfectionisme kan negatieve gevolgen hebben, met name voor de gezondheid. Door jezelf altijd maar te willen bewijzen, ervaar je stress. Perfectionisme maakt dat je te veel stress of chronische stress ervaart. Dit heeft meer invloed op je lichaam dan je misschien zou denken.

      Het kan nog erger worden als je blijft toegeven aan het leiden van een zo perfect mogelijk bestaan met onrealistische eisen. Verschillende lichamelijke klachten worden gekoppeld aan perfectionistische neigingen, waaronder chronische vermoeidheid, chronische hoofdpijn, een verstoorde spijsvertering, nek- en rugklachten en slapeloosheid. Ook veel klinische problemen worden hieraan gekoppeld. Dit zijn onder andere burn-out, depressie, angsten, dwangstoornissen, eetstoornissen, persoonlijkheidsstoornissen en zelfbeschadiging. Hoe erger perfectionisme is, hoe groter de kans op een of meerdere klachten wordt.

      Dit vormt de belangrijke reden om perfectionisme te signaleren en aan te pakken. Je kunt de bovenstaande klachten het best voorkomen, of anders snel in actie komen als je last ervaart door perfectionisme.

      Hoe kun je perfectionisme loslaten?

      Minder perfectionistisch zijn, is de oplossing om af te komen van de druk die je voelt of de klachten die je ervaart. Maar hoe doe je dat? Het is niet eenvoudig, omdat perfectionisme diepgeworteld zit. Toch is het mogelijk! Er zijn verschillende stappen die je kunt zetten, die we hieronder benoemen.

      Van perfectionist naar optimalist

      Ben je bang dat je niet meer genoeg kunt bereiken door je perfectionistische kant los te laten? Dat hoeft gelukkig niet zo te zijn. Verander van een perfectionist in een optimalist! De optimalist werkt met plezier en passie, streeft naar een goed resultaat en doet zijn of haar best, maar ziet het maken van fouten niet als falen en accepteert dat er iets mis kan gaan. De optimalist durft uitdagingen aan te gaan en leert van fouten. Dat is een gezonder uitgangspunt dan dat van de perfectionist.

      Realiseer je dat doorslaan in perfectionisme niet goed is

      Als je je er bewust van bent dat perfectionisme niet goed is, kan het lukken om minder perfectionistisch te zijn. Indien je te veel verantwoordelijkheid voelt en te hoge verwachtingen stelt, laat je je perfectionistische kant te vaak spreken. Realiseer je dat je aan jezelf voorbij rent en dat je je eigen grenzen negeert. Realiseer je dat je te kritisch bent en onrealistische doelen stelt. Realiseer je dat perfectionisme zelfvernietigend is. Zo is het ineens helemaal niet meer zo aantrekkelijk om perfectionistisch te zijn.

      Liever en zachter zijn voor jezelf

      Nu je je realiseert dat perfectionisme niet goed is, kun je je focussen op liever en zachter zijn voor jezelf. Je hoeft de lat niet steeds maar hoger te leggen. Rem liever af als je ergens geen zin in hebt of als je lichaam een grens aangeeft. Draaf niet steeds door, maar pak vaker momenten van rust.

      Liever zijn voor jezelf uit zich niet alleen in acties, maar ook in gedachten. Denk positiever over jezelf. Vertel jezelf dat je er mag zijn, dat je jezelf accepteert, dat je goed je best doet en dat dat voldoende is. Kijk naar je kwaliteiten en niet naar je minpunten. Zo zet je jezelf weer op de eerste plaats, in plaats van perfectionisme en onhaalbare standaarden. Je gaat weer van jezelf houden en je zelfvertrouwen neemt toe. Jij bent het waard!

      Imperfectie leren omarmen: fouten maken mag!

      We maken allemaal fouten. Dat is menselijk. Een belangrijke stap in het proces om minder perfectionistisch te worden, is het leren omarmen van imperfecties. Je mag gewoon fouten maken, daar hoef je niet bang voor te zijn. Sterker nog, hier kun je zelfs veel van leren. Zo word je door het maken van fouten uiteindelijk alleen maar beter in wat je doet, zowel persoonlijk als professioneel gezien. Je kunt dus juist groeien door minder perfectionistisch te zijn – iets wat je in eerste instantie misschien niet had verwacht! Neem het jezelf niet kwalijk als je fouten maakt, maar vertel jezelf dat fouten er mogen zijn én dat jij er mag zijn.

      Zeg dit tegen jezelf, maar ook bijvoorbeeld als ouder tegen je kind. Laat blijken dat je trots bent op de moeite die je kind ergens in heeft gestoken, ook als het niet heeft uitgepakt zoals de verwachting was.

      Luister naar wat jíj belangrijk vindt

      We zijn gevoelig voor de verwachtingen van anderen, of de verwachtingen waarvan we dénken dat anderen ze van ons hebben. Laat dit los, zodat je minder druk gaat ervaren en de regie over je leven terugkrijgt. Ga na wat er echt belangrijk is voor jou. Luister naar je gevoel en intuïtie: laat je hart spreken! Zo kom je meer in de buurt van wat je wilt, in plaats van wat je moet. Als jij minder wilt gaan werken, je huis minder vaak wilt poetsen, maar eens in de drie jaar op vakantie wilt gaan of in een kleinere woning wilt gaan wonen, is dat helemaal goed. Probeer dit los te koppelen van verwachtingen van anderen. Dit is immers jouw leven: jij hebt de touwtjes in handen.

      Durf om hulp te vragen

      Hoe moeilijk het in eerste instantie ook voor je is, durf om hulp te vragen. Of het nu van een familielid, vriend of collega is. Je hoeft niet altijd maar alles zelf op te lossen.

      Behandeling bij perfectionisme bij een psycholoog

      Lukt het je niet om perfectionisme te verminderen en blijf je druk of klachten ervaren? Dan kan een psycholoog je helpen. Bij psychologie praktijk BrainNetwork helpen we je hier graag bij. Cognitieve gedragstherapie (CGT) kan effectief zijn, waarbij je meer inzicht krijgt in je gedrag, denkpatronen en gevoelens. Met Acceptance and Commitment Therapy (ACT) kunnen we je helpen om je persoonlijke veerkracht te ontwikkelen, en zo bereidheid te creëren om perfectionisme aan te pakken. Neem vrijblijvend contact met ons op om de mogelijkheden te bespreken. Altijd staat een persoonlijke en geïntegreerde aanpak centraal in onze praktijk.

      Je leert tijdens een behandeling bij perfectionisme om minder resultaatgericht te zijn, minder de controle te willen behouden, meer fouten te durven maken en de fouten los te durven laten. Sterke emoties bij het maken van fouten nemen af. Je leert om meer afstand te nemen en te zien dat imperfecties niet problematisch zijn. Dit helpt je om zaken vanuit een ander, realistischer perspectief te bekijken, om uiteindelijk de lat te verlagen, minder kritisch naar jezelf te zijn en jezelf meer te waarderen.

      Je komt hiermee dichter tot jezelf! Wat wil jíj maken van je leven, wat is voor jou belangrijk? Hier krijg je een duidelijker inzicht in. Door dit helder te hebben en hieraan te werken, zet je perfectionisme om in gezonde inspanning – en voorkom je dat je (opnieuw) doorslaat in perfectionisme.

      In onze Psychologie Blog vind je meer interessante artikelen

        Stress klachten

        Welk effect heeft chronische stress op je lichaam?

        Langdurige stress kan zorgen voor verschillende lichamelijke klachten. Mensen voelen zich ziek en bezoeken dan een (huis)arts. Het komt geregeld voor dat er geen medische oorzaak wordt gevonden voor de klachten. In dat geval zijn de klachten vaak een gevolg van overmatige en langdurige stress en spanning.

        Een moeilijke situatie op je werk, ruzie in de familie, problemen thuis, vermoeidheid of zorgen over je financiële situatie: er kunnen allerlei redenen aan stress ten grondslag liggen. Stress heeft meer invloed op het lichaam dan de meeste mensen denken. De verschillende klachten die het gevolg van stress kunnen zijn, worden in de onderstaande infographic weergegeven.

        Stressklachten

        Heb jij last van een of meerdere bovenstaande lichamelijke en/of mentale klachten, en zijn ze mogelijk een gevolg van stress? Als stress chronisch wordt, kan het een grote invloed hebben op je gezondheid en functioneren. Het is verstandig en belangrijk om stressklachten aan te pakken, om te voorkomen dat ze verergeren of overgaan in een burn-out of angst- en paniekklachten. Bij psychologie praktijk BrainNetwork helpen we je graag bij stressklachten. Onze psychologen staan voor je klaar bij vragen of voor advies.

        In onze Psychologie Blog vind je meer artikelen over stressklachten

          Psychomotorische therapie

          Ervarend leren met Psychomotorische therapie

          Door Psychomotorische therapie heb ik ervaren dat ik anderen het tempo liet bepalen, dit was voor mij een belangrijk inzicht.’
          ‘In de ‘busoefening’ werd ik me pas echt bewust van hoe streng ik voor mezelf was, doordat ik ook kon voelen wat het met me deed.’

          Bovenstaande ervaringen van cliënten laten zien hoe krachtig Psychomotorische therapie kan zijn. In onze praktijk combineren we deze therapie vorm vaak met gesprekstherapie en Biofeedback bij stress- en burnout klachten. Maar wat is Psychomotorische therapie (afgekort: PMT) nu eigenlijk? We leggen je er graag meer over uit.

          PMT bij stress en burn-out

          PMT: ervaringsgerichte therapie

          PMT is een therapie die het best te begrijpen is als je het zelf hebt ervaren. Dit horen we dan ook van veel cliënten na een oefening: ‘Ah, nu snap en voel ik pas wat je bedoelt’. Psychomotorische therapie is dan ook een ervaringsgerichte therapie. Door middel van Psychomotorische therapie kun je in een methodisch opgezette leersituatie nieuwe ervaringen en inzichten opdoen. Maar ook kun je oefenen met het toepassen van nieuw gedrag of nieuwe gedachten.

          In deze blog op onze website lees je meer over PMT en de precieze werking: Wat is Psychomotorische therapie?

          Wanneer wordt Psychomotorische therapie toegepast?

          Bij Psychologie praktijk BrainNetwork maken we graag gebruik van Psychomotorische therapie-oefeningen bij stress klachten. We zien vaak dat bewustwording van je eigen gedrag van grote meerwaarde kan zijn voor de behandeling. Je kunt hierbij denken aan bewegingsoefeningen en/of lichaamsgerichte oefeningen. Het voordeel van deze oefeningen is dat je direct kunt voelen wat er gebeurt en wat je denkt en doet.

          Dit soort lichaamsgerichte oefeningen, kunnen confronterend zijn, maar zijn daardoor juist ook heel inzichtgevend. In een oefening kun je niet om je gedrag heen. Je zal direct voelen en/of denken wat je in het dagelijks leven ook doet of denkt in een soortgelijke setting. Door via het doen en ervaren over jezelf te leren, maar tevens nieuw gedrag of alternatieve gedachten aan te leren, spreek je ook meer delen van je brein aan.

          Bewustwording met PMT-oefeningen

          Een voorbeeld: iemand met stress- en burn-outklachten die maar moeilijk stil kan staan, zal dit in een PMT-oefening ook niet of nauwelijks kunnen. Iemand zal bijvoorbeeld op een balanstol alle ballen hoog willen houden, zichzelf en de spanningssignalen negeren of deze te laat voelen. Met alle gevolgen van dien, zoals hoofdpijn, zware vermoeidheid of overprikkeling.

          Het kan dan een goede oefening zijn om dit gedrag en de spanningssignalen in het lichaam te herkennen door middel van PMT. Vervolgens je bewust te worden van belemmerende gedachten en te oefenen met het toepassen van ander gedrag (vertragen). Deze nieuwe leerervaringen kunnen je helpen om anders te gaan denken over bepaalde situaties..

          Ben je door deze blog nieuwsgierig geworden naar Psychomotorische therapie, of wil je graag een behandeling op basis van Psychomotorische therapie gaan volgen? Je kunt altijd contact opnemen met BrainNetwork voor onze behandelmogelijkheden.

          Tips stress en burn-out

          Stilstaan, voelen en dan?

          Hulp bij stress en burn-out klachten. In een eerdere blog hadden we het over het belang van stilstaan en daardoor voelen wat er gebeurt in je lijf, maar ook het voelen wat je behoeften en grenzen zijn. Als het je is gelukt om stil te staan en te voelen, dan zul je misschien denken: ‘En wat nu?’

          Wat je kunt doen, is achterhalen en handelen naar wat je nu nodig hebt. Daarbij kun je kijken naar je eigen gedrag, de signalen van je lijf, je gedachten en/of de omgeving in bepaalde situaties. We leggen je er hieronder graag meer over uit.

          Hulp bij stress en burn-out klachten

          Je gedrag:

          Je gedrag in kaart brengen bij stress kan een mooie ingang zijn voor tijdige herkenning van stressklachten. Wat zie je jezelf doen als je stress of spanning toeneemt: ga je mopperen of trek je jezelf juist terug? Als je de stress herkent, breng dan eens in kaart wat je nu zelf doet of hebt gedaan wat ervoor zorgt dat je stress hebt of dat de stress is toegenomen.

          Heb je mogelijk weer ‘ja’ gezegd tegen een collega, terwijl je eigenlijk al te veel op je bordje hebt liggen? Ben je weer te laat van huis gegaan en daardoor gestrest aan je werkdag begonnen? Heb je toch je pauze weer overgeslagen, terwijl je je had voorgenomen dat niet meer te doen? Heb je wel genoeg bewogen? Ben je toch te laat naar bed gegaan, omdat die ene opdracht nog af moest? Dergelijke keuzes die je door de dag heen maakt, tellen allemaal mee.

          Je lijf:

          Let op je lichaam bij het ervaren van stress. Wat doet bijvoorbeeld je ademhaling en hoe is het met je spierspanning? Ga na wat je lijf nodig heeft en wat je lichaam je eigenlijk wil vertellen. Een korte ontspanningsoefening? Een korte ademhalingsoefening (zoals Hartcoherentie)? Een rondje wandelen? Even een klein loopje? Een mini-massage? Juist even zitten en niks doen? Vanavond wel een keer sporten? Welke emotie voel ik eigenlijk en waar komt dat gevoel vandaan? Het is belangrijk om dit na te gaan in je lichaam.

          Gedachten

          Ga voor jezelf eens na: hoe hoog ligt mijn lat vandaag? Wat ‘moet’ ik allemaal van mezelf? Wanneer is het goed genoeg? Wat drijft mij om door te gaan, en mezelf en mijn lijf te vergeten? Waar liggen mijn prioriteiten? Wat levert het me op als ik zo doorga? Soms vergeten we dit soort gedachten, terwijl je er juist goed aan doet om je hier bewust van te blijven.

          Omgeving

          Ga eens na wie of wat er in je omgeving voor zorgt dat je stress ervaart, maar ook wat je zou kunnen helpen om beter of anders met stress om te gaan. Wat of wie zijn de energievreters (spanningsbronnen) en de energiegevers (energiebronnen), thuis en op je werk? Ga na wat of wie te veel tijd, energie en moeite kost.

          Bedenk anderzijds juist wat energie oplevert en ervoor zorgt dat je beter om kunt gaan met je spanningsbronnen. Kijk of je meer van je energiebronnen kunt aanspreken of ga na waarom de spanningsbron jou zoveel tijd, energie of ruimte kost. Sta erbij stil en kijk wat je kunt aanpassen.

          Zelf of met hulp je stress verminderen

          Hulp bij stress en burn-out klachten. Soms kan zo’n kritische inventarisatie al voldoende zijn om je stress te verminderen. Is dit niet voldoende? Dan is het belangrijk om hier hulp bij te vragen, zodat je stress en eventuele stressklachten kunnen afnemen. Ga na wat je wilt veranderen in je gedrag en gedachten. Wat zijn de voorwaarden waaronder je dit kunt doen?

          Bij psychologie praktijk BrainNetwork kunnen we door middel van cognitieve gedragstherapie samen met jou kijken naar de gedrags- en gedachtenpatronen die bij jou de stress in stand houden of hebben veroorzaakt. Ook kijken we in de therapie naar omgevingsfactoren en maken we de koppeling met je lijf om weer meer grip te krijgen, door middel van Biofeedback en Psychomotorische therapie. Zo richten we ons op de verschillende factoren die een rol spelen bij het aanpakken van stress. Je kunt vrijblijvend contact met ons opnemen om de mogelijkheden te bespreken.

          Hulp bij stress en burn-out klachten? Lees in onze Blog meer over PMT bij stressklachten

            Hoe Kan Je Stress Verminderen

            Stilstaan is voelen: de eerste stap tot herstel bij stress en burn-out

            ‘Stilstaan is voelen’: het is een vaak genoemde zin in de behandeling van stress- en/of burn-outklachten. Als je beginnende stress- of burn-outklachten ervaart, is letterlijk stilstaan mogelijk lastig. Je wordt geleefd: het is alsof je in een sneltrein zit die niet of zeer moeizaam tot stilstand komt. Je weet niet goed meer hoe je tot rust kunt komen, zowel fysiek als mentaal. Het eindstation van de trein is je ook niet bekend. Herkenbaar?

            Dit gevoel is ook in je lijf zichtbaar, want je autonome zenuwstelsel is uit balans. Je lijf trapt te vaak op het gaspedaal (sympatische zenuwstelsel) en te weinig op de rem (parasympatisch zenuwstelsel). Met allerlei stressklachten tot gevolg, zoals prikkelbaarheid, pijnklachten, concentratieproblemen en moeilijk tot rust kunnen komen. Als je deze trein niet tijdig laat stoppen, trekt je lijf een keer aan de noodrem. Als het zover is gekomen, kun je niet anders dan naar je lichaam luisteren

            Leren om stil te staan

            Hoe fijn zou het zijn als je er op tijd bij kunt zijn en zelf de trein tijdig kunt laten stoppen, om daarna op je eigen gekozen tempo weer door te kunnen rijden? Je moet het eigenlijk zo zien: die trein ben je zelf en jij bent degene die hem kan laten stoppen of laten rijden zoals voor jou fijn is. Maar hoe doe je dat nu, die trein tijdig stilzetten?

            Wat belangrijk is, is om je op tijd bewust te zijn van hoe het met je gaat. Je lichaam en je geest hebben herstelmomenten nodig. Enige stress is niet erg (en soms juist nodig) in je leven, maar te lang stress ervaren en geen of weinig herstelmogelijkheid pakken, heeft flinke nadelige gevolgen voor zowel je mentale als fysieke gezondheid.

            Om deze gevolgen te beperken of te voorkomen, is het van belang jezelf op tijd stil te zetten. Niemand kan dit uiteindelijk beter dan jijzelf. Daarvoor is het allereerst nodig dat je pauzemomenten op de dag inlast. In de huidige tijd is dit lastig, zeker nu we ook meer thuiswerken. De koffiemomenten met collega’s, uitgebreid lunchen, de loopjes en de ‘niks-momenten’ zijn minder geworden. Het is dus van belang om ze zelf te gaan plannen. De momenten hoeven maar kort te zijn (minimaal vijf minuten). Zet eventueel een alarm in je telefoon als reminder. Ga tijdens een pauzemoment even naar de wc, pak een kop koffie of thee, of loop een rondje zoals ook geadviseerd door de hersenstichting.

            Herstel bij burn-out
            Herstel bij burn-out

            Herstel bij Burn-Out | Luisteren naar de signalen van je lijf

            Pak je moment om stil te staan bij wat je lichaam je wil vertellen. Het lijf geeft ons vaak allerlei signalen (psychofysiologische reacties), waar we ons vaak niet of niet genoeg bewust van zijn. Denk aan een hoge ademhaling, verhoogde spierspanning, hoge hartslag, verhoogde huidgeleiding en koude handen. We zijn het verleerd om hiernaar te luisteren, doordat we veel met ons ‘hoofd’ leven en het steeds minder gewend zijn om even te ‘niksen’. Meestal voelen we deze signalen pas als we naar bed gaan, de prikkels weg zijn en we dan nog maar moeilijk tot rust kunnen komen.

            Sta (of zit) dus eens stil en voel je lijf. Om te weten wat je behoeften zijn en waar je grenzen liggen, moet je eerst kunnen voelen. En voelen begint bij je lijf. Weer contact maken met je lichaam en lichaamssignalen is daarvoor nodig. Ga na welke signalen je lijf je geeft. Wat wil je lichaam je eigenlijk vertellen? Als je de signalen van stress herkent, denk je misschien: wat nu? Om daar meer over te weten te komen, lees je onze vervolgblog: Stilstaan, voelen en dan? Hierin vertellen we je hoe je kunt kijken naar wat je op zo’n moment nodig hebt, en hoe je hiernaar kunt handelen in gedrag en gedachten.

            Herstel bij Burn-out

            Herstel bij Burn-Out en voorkomen van stressklachten. Wil je meer te weten komen over stress en je lichaam, of zoek je hulp van een expert om stress beter onder controle te krijgen? Dan is Biofeedback een mooie behandeloptie, die je leert om de signalen van je lichaam te herkennen. Ook Psychomotorische therapie kan een effectieve behandeling zijn om je eigen grenzen te leren herkennen. We helpen je graag in onze psychologie praktijk BrainNetwork. Neem vrijblijvend contact met ons op voor onze behandelmogelijkheden of voor meer informatie.

            Lees in onze Blog meer over PMT en lichaamsgerichte behandelingen bij stressklachten

              Biofeedback

              Drukke moeders: Biofeedback kan je helpen

              Samen met online magazine Mama’s schreven we onlangs een blog over Biofeedback voor drukke moeders. Een Biofeedback behandeling kan je als moeder helpen om meer rust te vinden in de alledaagse hectiek.

              Lees de hele blog op Mamas.nl.

              Biofeedback

              Wat is Biofeedback?

              Biofeedback is een moderne therapievorm die je kan helpen om meer rust te vinden in je brein en om beter om te gaan met periodes van stress. Het is een zeer effectieve behandeling bij klachten zoals stress, slaapproblemen, hoofdpijn en migraine, en een hoge bloeddruk.

              Een Biofeedback behandeling is meestal kortdurend, met vijf tot tien sessies. Het is een laagdrempelige manier om te werken aan de klachten die je ervaart. De intensiteit en de vorm van de behandeling passen we in onze praktijk BrainNetwork altijd aan op basis van je klachten. We combineren deze behandeling vaak met cognitieve gedragstherapie, zodat we je ook helpen om signalen te herkennen en daar anders mee om te gaan.

              Voor wie is een Biofeedback behandeling geschikt?

              De blog die we schreven met Mama’s richt zich specifiek op drukke moeders. In onze psychologie praktijk in Zeist spreken we regelmatig jonge moeders die vastlopen in het combineren van carrière, sociale verplichtingen en het gezin. Vaak spreken we dan over klachten die ontstaan door stress of slecht slapen.

              Bij verschillende klachten is een Biofeedback behandeling geschikt. Denk aan stress, hoge bloeddruk, slaapproblemen, vermoeidheid, spanningshoofdpijn, maag-darmproblemen, psychische problemen, nek-schouderklachten en (chronische) pijn. Klachten die kunnen ontstaan wanneer er sprake is van een verstoring in de balans van je lichaam.

              Structuur en een ritme dat bij je past zijn cruciaal om de juiste balans te vinden. Met Biofeedback leer je signalen die je lichaam geeft rondom klachten te herkennen. Je wordt getraind om deze te beïnvloeden, om zo je klachten te verminderen of te voorkomen. In onze psychologie praktijk BrainNetwork helpen we je graag: lees meer over onze Biofeedback behandeling.

                Behandeling slaapproblemen

                Slaapproblemen aanpakken: hoe doe je dat?

                Dat slaapproblemen ongezond zijn voor lichaam en geest, weten we. Wie amper een weekje minder dan zes uur per nacht slaapt, kan de werking van ruim 700 genen schaden. Reden dus om dit serieus te nemen. Er is dan ook veel onderzoek verricht naar de impact van een ongezond slaappatroon. Hoe groot de schade precies kan zijn op korte en op lange termijn is voor iedereen anders. Eén ding is duidelijk: de mogelijke impact van slaapproblemen kan zeer ernstig zijn, zoals onder andere werd gepubliceerd in de Huffington Post.

                Slaapproblemen

                Gevolgen van slaapproblemen

                Slechte concentratie, moe en chagrijnig: al na één nachtje slecht slapen kunnen de gevolgen behoorlijk hevig zijn. Herkenbaar? Je bent niet de enige. Gelukkig herstel je weer snel van deze klachten als het bij één nacht blijft. Maar voor wie deze klachten structureel worden, kunnen de consequenties groot zijn. Bij het voorkomen van structurele slaapproblemen is het belangrijk om te begrijpen waardoor je slecht slaapt en wat je anders kunt doen om rust te houden.

                Wat zijn de gevolgen van slecht slapen? We zetten ze voor je op een rijtje:

                Hongerig

                Studies hebben aangetoond dat te weinig slaap je doet hunkeren naar grotere porties en vooral naar voeding met veel vetten en koolhydraten. Wie vermoeid een route aflegt door straten vol verleiding van lekkers, grijpt dan ook onbewust veel vaker naar ongezonde dingen.

                Ongevallen

                Zes uur of minder slapen ’s nachts verdriedubbelt het risico op een verkeersongeval. Na amper één nachtje weinig slaap zwakt je oog-handcoördinatie al af. Of je nu achter het stuur zit of niet, slaaptekort tast je motoriek en coördinatie aan.

                Uiterlijk

                Schoonheidsslaapjes zijn geen fabel. Wie onvoldoende slaapt, zal er voor anderen vrijwel meteen ongelukkiger en ongezonder uitzien. Het blijkt zelfs dat chronische slaapproblemen op lange termijn bijdragen aan een snellere veroudering van de huid.

                Concentratie

                Meestal herken je het wel, dat je na een nacht slecht slapen veel minder je aandacht erbij kunt houden. Je focus en geheugen worden aangetast door slaaptekort. Goed slapen is bepalend is voor het vormen van langdurige herinneringen en draagt bij aan betere concentratie.

                Emoties

                Dat je kortaf reageert of snel geraakt bent, kan ook een gevolg zijn van slaapproblemen. Onderzoek aan de Harvard Medical School heeft aan de hand van hersenscans aangetoond dat slaaptekort het emotiecentrum in je brein tot 60 procent reactiever maakt. Hierdoor kan je emotionele gebeurtenissen minder goed relativeren. Het mogelijke gevolg is dat je behoorlijk ongecontroleerd kunt reageren.

                Zodra slaapklachten overgaan in structurele slaapproblemen kunnen de gevolgen op je functioneren groot zijn. Onderzoek heeft aangetoond dat slaapklachten, naast bovenstaande klachten, ook kunnen bijdragen aan diabetes, hart- en vaatziekten of een verslechterde vruchtbaarheid.

                Slaapproblemen

                Wat kun je zelf doen bij slaapproblemen?

                Slaapklachten en -oplossingen zijn voor iedereen anders. Er is een groot verschil tussen de gevolgen van één keer slecht slapen of structurele problemen om goed te slapen. Om te voorkomen dat een aantal slechte nachten overgaan in structurele problemen is het belangrijk dat je relativeert en je niet te druk maakt. Je lichaam en brein zijn een sterk geheel en hebben de mogelijkheid om weer snel te herstellen van een aantal slechte nachten. De volgende tips bij slaapproblemen kunnen je op weg helpen:

                1. Bewegen en sporten dragen in grote mate bij aan je mentale en fysieke gezondheid. Meer beweging draagt bij aan een betere nachtrust.
                2. Maak je niet te druk als je één nacht slecht geslapen hebt, er is geen reden om aan te nemen dat je morgen weer slecht slaapt.
                3. Probeer te begrijpen waarom je slecht slaapt. Het kan helpen om dit met iemand te bespreken.
                4. Bepaald licht, zoals dat van een tv, telefoon of tablet, activeert je brein. Dat kan ervoor zorgen dat het moeilijk is om in slaap te komen. Leg bijvoorbeeld je telefoon liever ruim voor bedtijd weg, en zet de tv wat eerder uit.
                5. Veel mensen met slapeloosheid zijn gebaat bij een vast ritme, vaste tijden waarop je naar bed gaat en een vast ritueel voor het slapengaan. Dit biedt houvast. Stel een ritme voor jezelf op en probeer je hieraan te houden.

                Behandeling van slaapproblemen

                De gevolgen van slapeloosheid kunnen groot zijn als je slaapklachten structureel zijn. Het komt helaas vaak voor en veel mensen herkennen hoe moeilijk het is om goed te slapen. Er is veel wat je zelf kunt doen, zoals we in de bovenstaande tips benoemden. Heb je echter het gevoel dat je de slaapklachten niet zelf kunt oplossen? Dan zijn er verschillende behandelingen die je daarbij kunnen helpen.

                Een slaapcoach of slaappsycholoog kan je helpen om beter te begrijpen waarom je slecht slaapt. Vervolgens kan een psycholoog samen met jou een actieplan maken om aan deze oorzaken te werken. Door middel van opdrachten en oefeningen kun je jezelf trainen om weer in een gezond slaapritme te komen.

                Daarnaast is een juiste balans in je lichaam en brein belangrijk voor een goede nachtrust. Een behandeling op basis van Biofeedback kan je helpen om beter om te gaan met druk en om beter te leren ontspannen. Biofeedback is een effectieve behandeling bij slaapproblemen, omdat het helpt om signalen die bijdragen aan slechte slaap te herkennen. Met bewustwording en herkenning kun je worden getraind om deze signalen te beïnvloeden en daarmee de klacht te verminderen. De methode kent verschillende vormen, die een laagdrempelige manier creëren om te werken aan je slaapproblemen.

                Psychologie praktijk BrainNetwork is gespecialiseerd in Biofeedback behandelingen in combinatie met coaching. In de praktijk zien we veel positieve effecten van het combineren van deze technieken, om op korte termijn een effectieve en langdurige oplossing te bieden voor slaapproblemen.

                www.brainnetwork.nl  / Bron; AD rubriek gezondheid

                Lees meer in onze Psychologie Blog